Student

1. Maak een vectortekening, gebruik de templates

Om te lasersnijden hebben wij een zogenaamd vectorbestand nodig. Dit bestand is een lijntekening met daarin aangegeven het kader van het werkstuk, welke lijnen snijlijnen, graveerlijnen of graveervlakken zijn en aanvullende opmerkingen. Klik hier voor een aantal geschikte tekenprogramma’s. Importeer indien mogelijk onze Autocad of Adobe Illustrator template in uw programma.

2. Werk met layers

Er zijn 3 typen bewerkingen met de lasersnijmachine mogelijk: snijlijnen, graveerlijnen en graveervlakken. Hoe deze uitpakken bij ieder afzonderlijk materiaal is te zien op foto’s op onze materialenpagina. Onderscheid in de bewerkingen wordt gemaakt door de lijnen in de juiste layer te zetten. Zet alle objecten in de tekening in één van onderstaande layers.

  • 01_SNIJLIJNEN: Houd rekening met een minimale afstand van 1mm tussen snijlijnen, als hetgeen ertussen van belang is. Een snijlijn wordt gemiddeld ca 0.2mm breed, afhankelijk van o.a. het materiaal en de dikte.
  • 02_GRAVEERLIJNEN: Houd rekening met een minimale afstand van 0.7mm tussen graveerlijnen voor een mooi resultaat. Een graveerlijn wordt gemiddeld ca 0.1-0.2mm breed.
  • 03_GRAVEERVLAKKEN: Als u een gesloten vorm tekent en deze in de layer graveervlakken staat, wordt alles binnen deze omtrek gegraveerd als vlak. Als er binnen deze vorm nog een gesloten vorm staat in dezelfde layer, wordt alles daarbinnen weer niet gegraveerd, etc. Gebruik dus geen “hatches”. Zorg ervoor dat vormen 100% gesloten zijn en dat er geen overlappingen zijn van graveervlakken. Let op: bij graveervlakken gaat de laser regel voor regel het materiaal af, om weg te branden wat gegraveerd moet worden. Grote oppervlakken kunnen dus tijdrovend zijn.
  • 04_WERKSTUK: Gebruik deze layer om de omtrek van de plaat of het object aan te geven. Voor onze standaard plaatmaten is dit reeds gedaan in de template.
  • 05_OPMERKINGEN: Gebruik deze layer om aanvullende opmerkingen naast de platen te zetten. Geef materiaal, dikte en eventuele bijzonderheden aan en nummer de platen.

3. Teken de omtrek van het werkstuk

Er zijn vier formaten die Laserbeest op voorraad heeft voor elk type materiaal: 900x600mm, 600x450mm, 450x300mm en 300x200mm. Het kleinste formaat past in een buspakketje. Deze formaten staan in de template. Houd rekening met de marge van 5mm (stippellijn) aan alle kanten waardoor het te laseren werkveld iets kleiner is dan de plaat. Klik hier voor de voorwaarden van afmetingen van zelf aangeleverde materialen/ objecten. Laserbeest heeft ook grotere machines met werkbladen tot max 1300x900mm. Neem contact op met ons om de mogelijkheden van grotere werkstukken te bespreken en om te informeren of het door u gewenste materiaal in dat formaat op voorraad is of besteld kan worden.

4. Nummer alle platen

Plaats alle te bestellen platen in één bestand. U kunt platen kopiëren als u er meer nodig heeft en weghalen als u bepaalde formaten niet nodig heeft. Zet bij iedere plaat het materiaal en de dikte ernaast en nummer de platen. Zet bij voorkeur platen van hetzelfde materiaal en dikte bij elkaar.

5. Teken schaal 1:1

Uw tekening wordt 1 op 1 gelaserd, 1 unit of mm in uw tekening is 1 mm in het echt.

6. Tekst: maak outlines van de tekst of gebruik een lijnlettertype

Tekst moet als outline (omtrek van de letters) worden aangeleverd in de layer graveervlakken, of gebruik een lijnlettertype (bijv romans.shx) in de layer graveerlijnen.

7. Arceringen: omzetten naar lijnen

Patronen zoals bijvoorbeeld een baksteen- of streepjespatroon, moeten worden omgezet in graveerlijnen of graveervlakken, afhankelijk van de wens en situatie.

8. Teken alleen lijnen. Dubbele lijnen = dubbel laseren

Teken alleen lijnen. Vlakken (‘hatches’) , fills, arceringen en tekst dienen ook te worden omgezet naar lijnen. Voor het mooiste en snelste resultaat teken zoveel mogelijk aaneengesloten lijnen. Lijnstukken indien mogelijk dus aaneensluiten. Verwijder alle lijnen die elkaar (deels) overlappen. Dubbele lijnen worden namelijk ook dubbel gelaserd. Dat wordt niet mooi en kost onnodig lasertijd en geld.

9. Controleer de tekening

– Maak alle layers zichtbaar en controleer of alleen de lasertekeningen overblijven. Verwijder overig tekenwerk.
– Verwijder alle layers anders dan in punt 2 genoemde layers.
– Gebruik geen groups, blocks, regions, getrimde ellipsen, fills, hatches en 3D polylines. Zorg dat al het tekenwerk in een plat vlak staat.
– Exporteer bij voorkeur uw bestand als *.dxf, of *.dwg. Zie FAQ voor andere bruikbare bestandstypes.

10. Uploaden: op de website

Als uw tekening klaar is kunt u een prijs opvragen/ opdracht plaatsen via Nieuwe opdracht, rechtsboven op de website. Wij willen u vragen uw tekening via deze weg te sturen in plaats van per mail.

Instagram Laserbeest

Nieuws